Kies uw land


Hoe kunnen hersenoefeningen helpen bij uw fysieke prestaties?

Reading Time: 2 minutes

We weten allemaal dat onze hersenen en ons lichaam met elkaar verbonden zijn.

Maar welke invloed hebben onze cognitieve vermogens en onze psychologische gezondheid op onze lichamelijke vaardigheden? Hoe helpen hersenoefeningen bijvoorbeeld om onze reactiesnelheid, ons gezichtsvermogen, ons geheugen en meer te verbeteren? Tijdens het sporten gebruiken we talloze cognitieve functies, zoals concentratie, besluitvorming en werkgeheugen, om optimaal te functioneren in stressvolle en veeleisende situaties.1

Hersenoefeningen, ook wel cognitieve training genoemd, zijn gerichte mentale oefeningen die uw hersenfunctie kunnen helpen verbeteren. Beroepssporters doen cognitieve prestatieoefeningen vaak als onderdeel van hun trainingsschema. Door zich eerst op hun hersenfunctie te richten, kunnen ze zich daarna beter op hun fysieke vaardigheden focussen. 

Waarom zijn hersenoefeningen belangrijk voor beroepssporters?

Onderzoeken hebben aangetoond dat hersenoefeningen onze psychologische gezondheid kunnen verbeteren en bepaalde cognitieve vaardigheden, zoals concentratie en probleemoplossing, kunnen optimaliseren.2

Sport vereist meer dan alleen fysieke kracht en vaardigheden. Een goede sporter maakt ook gebruik van verschillende cognitieve functies. Beroepssporters kunnen de bewegingen van hun tegenstanders beter voorspellen als ze cognitieve vaardigheden zoals waarneming en besluitvorming versterken. Hierdoor kunnen ze tijdens wedstrijden ook beter hun eigen nauwkeurigheid en snelheid inschatten.

We kunnen cognitieve vaardigheden in een aantal kerngebieden indelen. Elke vaardigheid is belangrijk als u wilt uitblinken in uw sport:

Concentratie

  • Langdurig: Het is belangrijk om uw concentratie en focus lang vast te kunnen houden
  • Selectief: U moet zich geestelijk van alle externe afleidingen kunnen afsluiten
  • Flexibel: U moet uw aandacht van het ene naar het andere onderwerp kunnen verplaatsen

Geheugen

  • Lange termijn: Kennis behouden voor toekomstige prestaties
  • Werkgeheugen: Uw kennis in uw voordeel laten werken

Visuele verwerking

  • Visualisatie: In gedachten mentale beelden en scenario’s creëren
  • Visueel bereik: Perifere informatie in één oogopslag opnemen
  • Differentiatie: Kleine verschillen waarnemen die van invloed zijn op uw prestaties

Zintuiglijke integratie en denken

  • Timing/ritme: Goed timen en snel het beste ritme kiezen
  • Planning: Plannen maken op korte en lange termijn
  • Besluitvaardigheid: Snel beslissingen kunnen nemen

Hoe kunt u uw hersenen trainen?

Het valt natuurlijk niet mee om bepaalde sportscenario’s mentaal na te bootsen, maar er zijn verschillende manieren waarop u uw hersenen kunt trainen voor het moment waarop deze scenario’s zich voordoen. Hieronder vindt u enkele ideeën waarmee u uw hersenen in de beste mentale conditie kunt krijgen:

  • Visualiseer de overwinning. Als u uzelf vertelt dat u hier bent om een taak uit te voeren en te winnen of een uitdaging of work-out succesvol af te ronden, zult u merken dat de overwinning gemakkelijker voor het grijpen ligt.
  • Mindfulnessoefeningen. Als u dagelijks mindfulnessoefeningen doet, zult u tijdens het sporten merken dat u beter onderscheid kunt maken tussen datgene wat zinvol is en datgene wat afleidt.
  • Plan uw succes. Denk na over hoe u precies gaat winnen. Visualiseer hoe u wint. Voordat u gaat sporten, doorloopt u het scenario in uw gedachten.
  • Focus op positiviteit. Er zijn altijd positieve en negatieve invloeden om ons heen. Als er veel negativiteit om u heen is, richt u zich juist op uw innerlijke positiviteit. Focus op wat u gelukkig maakt en wat u motiveert.

Als u het beste uit uzelf wilt halen, moet u zich richten op meer dan alleen uw fysieke sportvaardigheden. Tijdens trainingen is uw geest net zo belangrijk als uw lichaam. Men zegt dat de geest eerder opgeeft dan het lichaam. Als u dus mentaal sterk in uw schoenen staat, maakt u meer kans op succes.

  1. https://www.frontiersin.org/articles/10.3389/fpsyg.2018.01121/full []
  2. https://link.springer.com/article/10.1385/JMN:20:3:213 []